Uitgaan & Cultuur

Gala veur Köttelpeer'n, deur Köttelpeer'n

DENEKAMP - Het voelde vreemd afgelopen weekend; een gala bij zomerse temperaturen. Maar gaande de avond wende het snel. De stroom van gala-artiesten van de Köttelpeern wist het publiek al snel op zijn hand te krijgen. De afwezigheid van de gala’s door corona de afgelopen twee jaar leek al weer snel vergeten. Een scala aan artiesten, al dan niet uit eigen gelederen, zorgde er voor dat het evenement aan kwaliteit niets had ingeboet. En misschien wel omdat de artiesten twee jaar lang droog stonden kwam het beste in hun boven drijven. Iedereen had gewoon weer zin om er iets van te maken. Met recht werd het dan ook ‘het meest fantastische gala van het jaar’ genoemd.

De galacommissie heeft dan ook het geluk om zomaar weer een blik met jong talent te kunnen opentrekken. Al dan niet op teksten van gerenommeerde schrijvers moet je het als artiest dan toch maar weer even doen. Immers het verwachtingspatroon is hoog bij de Köttelpeern. Zo was het Susan Willemsen die haar, door Corine Olde Meule en Peter Schulte geschreven, tekst voor het eerst op de bühne mocht brengen. En dat onder de noemer Soez’n. Ze moesten opboksen tegen Niels Wigger, Jelte Nijhuis en Chris Schoolkate; artiesten die zonder enige schroom hun droge kost ten tonele brengen. Dat zelfde geldt voor Jorrit Oude Ophuis (Betske). De meer ervaren artiesten zoals de gebroeders Platvoet en Meinders, Erwin Kokkeler en Raymond Kienhuis konden de verwachtingen meer dan waar maken. Antonette Salemink zorgde voor hilariteit met een aantal kleine intermezzo’s verdeeld over de avond. Voor Gerben Ottink, Tjerk Pleisterwerk, was de eindbuut weggelegd om de avond een onvergetelijk slot te geven; een eervolle taak. Maar helemaal terug van weggeweest waren Marcel Veelders en Marcel Harmsen. Waren ze vanuit het verleden vooral bekend als Scot en Scotty, nu gaan ze door het leven als ‘Namaastweetje’.

Een gala zonder muziek is niet mogelijk. Toetkapel ’t is Greun bracht met ‘Greuner wödt ’t nich’ de zaal in carnavalssfeer. Daarna waren het Tessa Brummelhuis en Elke Schmidt die met de medley ‘oawer ’n poal’ Duitse meezingers ten gehore brachten. Voor Cato Rerink werd het een bijzonder avond. De laatste keer nog deelnemend aan het Kidsgala, stond zij deze keer samen met Demi Westerhof en Lynne Oogink zomaar de meezing- en truckerhits van Henk Wijngaard te zingen. Marc Journee op gitaar, Ellen IJland, Jenne Morsink en Elke Schmidt brachten met zang JEEM-ig op de planken. De zaal werd nog eens compleet op de kop gezet door de Jägerthee(fjes). Daarvoor was wederom Jenne Morsink verantwoordelijk, maar nu samen met Kim Nijmeijer, Joyce Teunissen en de dansdames Senne van der Belt, Isabel Bergsma, Lynne Oogink en Brechje Beunk.  Vertrouwde zangkost kwam er van Gert-Jan Roesthuis; alleen op het podium staan is geen probleem voor deze artiest. Evenals Erwin Kokkeler die, na een aantal jaren afwezigheid, de draad weer oppikte en de gala afsloot met ’n Oal’n Griez’n. Dit allen onder begeleiding van de muzikanten van de band met Harald Harmsen, André Bruns, Marc Journée en Marcel Oogink.

Opmerkelijk was overigens dat de presentatie in handen was van Hilde Stroot. Op een ongedwongen, maar bijna professionele wijze wist deze dame het programma aan elkaar te praten.