Terug
a0bcc4b7-5e64-45a3-b625-2ca082385ce4~1.jpg
Gemeente

Echtpaar Cornelissen-Van Loosbroek viert diamanten huwelijk

NOORD DEURNINGEN - Afgelopen week werd er door de buurt een fraaie boog op de oprit van Nol (86) en Nelly (82) Cornelissen gezet. Het echtpaar was woensdag 19 november namelijk zestig jaar getrouwd. Nadat de buren ’s ochtends de boog hadden voorzien van roosjes, kwam burgemeester Joosten met bloemen langs om het diamanten echtpaar te feliciteren namens de gemeente.

Guido Tijman |

Opgegroeid in het zuiden

Op 16 september 1939 zag Nol Cornelissen het levenslicht in Nijmegen. Nol heeft maar liefst vijf broers en vijf zussen, waarvan hij de op-een-na oudste is. “Een heel voetbalelftal”, lacht Nelly. Nols vader was tuinder en in 1940 verhuisde het gezin naar de tuinbouw in het Westland. In de oorlogsjaren woonde het gezin in Poeldijk. 

Nol herinnert zich nog hoe een glasscherf door de ruit vloog toen er verderop in  Scheveningen een bom viel. 

“Maar verder herinner ik mij alleen hoe ik met de bevrijding in de Voorststraat in Poeldijk stond en een blikje biscuits kreeg. Die dingen waren knetterhard!” In Poeldijk ging Nol naar de lagere school tot het gezin op zijn negende terugverhuisde naar Hees, dat was aangewezen als tuinbouwgebied voor Nijmegen. Na de lagere school ging Nol er naar de land- en tuinbouwschool en vervolgens naar de vakschool in Huissen. Thuis hielp Nol mee in het tuinbedrijf. Op oogstdagen hielp het hele gezin mee.  Onder de rook van Nijmegen, in het Brabantse Sint Anthonis, werd op 12 december 1942 Nelly Van Loosbroek geboren. Zij was de vijfde in het gezin dat uiteindelijk bestond uit acht kinderen, waarvan vier jongens en vier meisjes. Thuis was een boerderij waar iedereen mee moest helpen. In de oorlog zaten er Canadezen op stal. Een van de soldaten trok veel op met de kleine Nelly, die hem deed denken aan zijn eigen dochtertje die thuis in Canada zat. Aan het eind van de oorlog werd het gezin getroffen door een nieuw dieptepunt toen Nelly’s moeder overleed.  Later hertrouwde haar vader waarna Nelly er nog een broer en zus bijkreeg. Toen Nelly zestien was, en net de lagere school en huishoudschool in Sint Anthonis had afgerond, overleed ook haar vader. “Toen ging de boerderij weg en ben ik uit gaan werken. In Sambeek kwam ik in betrekking bij het gezin van Herman Bloemen jr. en zijn vrouw Annie. Tussendoor heb ik ook nog gewerkt bij ‘de sok’, de kousenfabriek van Ten Cate in Boxmeer”, aldus Nelly. 

Pionier in de Denekampse  tuinbouw

Van zijn 15e tot 24e werkte Nol in Hees tot zijn oog viel op een advertentie in het vakblad voor tuinders. In Denekamp was door de gemeente en bank een gebied aan de Johanninksweg in Noord Deurningen aangewezen waar tuinbouw moest komen. Daarvoor werden pioniers gezocht. Nol was enthousiast en werd een van de eerste vier pioniers. In maart 1964 kwam hij in Noord Deurningen in de kost bij Herman Bloemen sr., terwijl er een eigen huis beschikbaar zou komen aan de Johanninksweg 73. Nol: “In de weekenden ging ik naar Nijmegen. Hermans zoon, Herman jr., woonde in Sambeek.  Toen ze bezig waren met de ruilverkaveling moest er een rekening worden ingeleverd bij de commissie. Herman sr. vroeg of ik deze wilde ophalen bij zijn zoon. Zaterdagmiddag ging ik naar het station in Boxmeer waar ik werd opgehaald en toen kwam ik bij hen.” “En toen zagen we elkaar voor het eerst”, vervolgt Nelly het verhaal.  

“We gingen  hartenjagen. Dat werd het letterlijk en  figuurlijk! 

Zo is het begonnen. We moesten er wat voor over hebben. Ik ging vaak met Herman jr. en Annie mee naar Denekamp. En Nol kwam naar het station in Boxmeer waar hij bij mij achter op het fietsje mocht. Maar wij woonden helemaal achter de Peel aan een zandweg.” In januari 1964 leerden Nol en Nelly elkaar kennen en al op 19 november van datzelfde jaar trouwden zij in Sint Anthonis. Eerst op het gemeentehuis, daarna in de Heilige Anthonis Abt-kerk en vervolgens werd de bruiloft gevierd in het aangrenzende café van Nelly’s oom.  De nieuwe buren uit Noord Deurningen waren met een bus aanwezig en namen het kersverse echtpaar ’s avonds in de bus mee naar Noord Deurningen, waar zij kennismaakten met de Twentse bruiloftstradities. 

Alternatieve Elfstedentocht

In Noord Deurningen was Nol bijna 25 jaar tuinder. Op zijn 48e verkocht hij zijn bedrijf aan Tuincentrum Kuipers, waar hij in dienst ging en werkte tot hij in de VUT kon. In hun huwelijk kregen Nol en Nelly met Agnes, Petra, André en René vier kinderen. Inmiddels zijn daar zeven kleinkinderen en twee achterkleinkinderen uit voortgekomen. In 2000 verhuisden Nol en Nelly naar hun nieuwe woning in de nieuwbouwwijk iets verderop aan de Johanninksweg. In hun vrije tijd zijn Nol en Nelly vooral sociaal en sportief bezig. Zo deed Nelly aan gymmen en zwemmen. Toen de gymclub stopte hebben ze er een fietsclub van gemaakt, nog altijd gaan de dames op donderdagmiddag fietsen. Ook Nol mocht graag fietsen. Maar zijn passies waren vooral schaatsen en skeeleren. Dat laatste deed hij dagelijks en zodra het ijs dik genoeg was gingen ook de ijzers eronder. “Ik ben zeven keer naar de Alternatieve Elfstedentocht op de Weissensee geweest. Een keer lag er water en een keer 80 cm sneeuw. De andere vijf keer heb ik hem uitgereden. Het was altijd schitterend! Ik kan het nu niet meer, maar ben nog wel lid van de IJsvogels in Denekamp”, vertelt Nol trots.  ‘

We zitten nooit alleen’

Ook hebben Nol en Nelly zich altijd met veel toewijding ingezet voor de Sint-Jozefkerk in Noord Deurningen.  “In 1974 ben ik begonnen in de liturgiegroep. Toen kwam de avondwakegroep en zo kwam er iedere keer wat bij. Ik ben nog altijd lector en ga om de week voor in de dienst op donderdag. Ik heb acht jaar in het kerkbestuur gezeten en Nol elf jaar.  Nol is ook veertig jaar collectant geweest en zit nu in de tuinploeg.  Na de donderdagochtendmis gaan we altijd samen koffiedrinken in de parochiezaal.  Ik vond het altijd naar als alleenstaanden na de mis buiten in de kou een praatje maakten en dan weer naar huis moesten. Ik ben blij dat we toen met het koffiedrinken zijn begonnen. 

De inzet voor  parochianen en het samen kerk zijn – dat vind ik  geweldig!  

We wonen hier nog met veel plezier zelfstandig en hebben veel sociale contacten. We zitten nooit alleen en zijn altijd ergens mee bezig. Na ons veertig- en vijftigjarig huwelijk staat er hier nu voor de derde keer een boog. Bij onze vorige woning hebben we ook al twee keer een boog gehad. Zondag gaan we het vieren bij Rouwers.  Mijn ouders hadden hun 12,5-jarig huwelijk niet gevierd en toen mijn moeder een half jaar later overleed heeft mijn vader daar levenslang spijt van gehad.  Hij heeft mij op het hart gedrukt om alles wat je kunt vieren te gaan vieren en dat doen we dan ook!”, besluit Nelly enthousiast.