Terug
Echtpaar Niehoff-Borgerink.jpg

Echtpaar Niehoff-Borgerink zestig jaar getrouwd

NOORD DEURNINGEN - Maandag 13 april was een heugelijke dag aan de Kanaalweg in Noord Deurningen. Eduard (83) en Truus (80) Niehoff bereikten hun diamanten huwelijksjubileum. Namens de gemeente Dinkelland kwam burgemeester Joosten bij het jubilerende echtpaar op bezoek om de felicitaties en bloemen te overhandigen.

Guido Tijman |

Op 9 januari 1943 zag Eduard Niehoff het levenslicht in Volthe. Met de komst van Eduard was het gezin, bestaande uit zeven kinderen waarvan twee meisjes en vijf jongens, compleet. Tot zijn 19e bleef het gezin in Volthe, een jeugd waar Eduard met warme herinneringen op terugkijkt. “Vader zei altijd ‘we zitten in de rimboe’. We zaten op precies vier kilometer van de kerken van Rossum, Denekamp en Tilligte. Maar wij vielen onder de gemeente Weerselo en gingen naar de kerk en school in Rossum. We woonden op een boerderij midden in het bos. De zandweg was in de winter soms zo slecht dat de trekker er niet over kon en de melk niet opgehaald kon worden. Het was een lage weg zonder sloten. Als er een dikke laag sneeuw lag, kon er geen dokter bij ons komen. Uiteindelijk heeft mijn vader het tot Den Haag moeten aanvechten dat er sloten langs onze weg kwamen. Maar het was er wel heel mooi. Ik had het er ook zwaar mee toen we in 1962 naar Noord Deurningen gingen omdat ik de kameraden, het voetbal en alles daar had. Maar pa stopte met de boerderij omdat het niet verder kon op die locatie en mijn oudste broer Jan introuwde bij de familie Ensink in Noord Deurningen en daar verder ging boeren. Aan de Kanaalweg was een blok van twee vrijgekomen. Het was helemaal vervallen. Wij hebben toen alleen de binnenmuren laten staan en een nieuw huis gebouwd. Als jongste kind verhuisde ik mee met mijn ouders. Achteraf zijn we in een mooi noaberschap terechtgekomen en zijn we blij dat pa destijds heeft doorgepakt.”

Op de fiets naar Hengelo

Aan de Denekamperstraat in Ootmarsum stond op 20 augustus 1945 de wieg van Truus Borgerink. Zij was de tweede van vijf kinderen, waarvan drie meisjes en twee jongens. Truus beleefde een fijne jeugd in Ootmarsum waar zij naar de lagere school ging en aan handbal deed. “Mijn vader Gerard stond bekend als ‘Loeks Gait’, een bekend persoon in Ootmarsum. Hij was jachtopziener, onder andere bij de Janninks op het Springendal en kroonde zich tot schutterskoning van Ootmarsum. Ook de huisslachting deed hij erbij.” Na de lagere school ging Truus naar de huishoudschool, eveneens in Ootmarsum. Toen ze daarmee klaar was kwam ze in betrekking bij Van Mook, een modezaak in Hengelo. Heel vaak ging ze op de fiets van Ootmarsum naar Hengelo. Na haar betrekking ging Truus aan de slag in de supermarktwereld, eerst bij Rutgers in Almelo en vervolgens bij de supermarkt aan de grens in Noord Deurningen. 

Goed volk

Dat laatste was geen toeval. “We hadden danslessen gehad en kwamen elkaar tegen bij het dansen bij De Rozenstruik in Ootmarsum. Daar hebben we elkaar getroffen en zo is het gebleven. Het ouderlijk huis van Truus stond nog geen tweehonderd meter van de zaal af. Ze werd door haar moeder van straat gehaald. Maar later werd ik met open armen ontvangen”, lacht Eduard. “Vader zei ‘oh, is die van Busschers Hanna? Dan is het goed volk’”, vult Truus aan. “Het werd makkelijker toen ik bij de supermarkt in Noord Deurningen werkte. Ik kon met de bus naar Denekamp en daar had ik een fiets staan waarmee ik naar de grens ging.“ Na vijf jaar verkering trad het stel in het huwelijksbootje. Op 13 april 1966 op het stadshuis van Ootmarsum, en twee dagen later in de Simon en Judaskerk. Aansluitend werd de bruiloft gevierd daar waar het begon: De Rozenstruik. 

Altijd met de bus langs de weg

Het kersverse echtpaar trok in het nieuwe huis van Eduard en zijn ouders. De ouders werden tot het eind goed verzorgd, iets waar Truus ook veel werk mee heeft gehad. Zelf verwelkomden Eduard en Truus in hun huwelijk drie zoons: Erik, Nico en Marco. Inmiddels heeft het diamanten echtpaar ook een stel kleinkinderen. Als kostwinner werkte Eduard als service reparateur voor Philips. “Na de mulo in Denekamp ging ik naar de nieuwe elektronicaopleiding aan de MTS in Hengelo. Daarna werkte ik voor Holland Signaal, het huidige Thales, en Philips. Voor het Philips Service Center repareerde ik apparatuur, voornamelijk radio’s en witgoed. Ik stond altijd met de bus langs de weg, dat was ‘vrijheid, blijheid’. Ik mocht alles zelf regelen. Dat heb ik wel dertig jaar gedaan en de laatste vijf jaar zat ik in de binnendienst in Zwolle. 

Mantelzorg

Ondertussen zorgde Truus ervoor dat thuis alles op rolletjes verliep. Ze mocht graag schoonmaken en poetsen, en deed dat ook buiten de deur. “Ik zat altijd in de schoonmaakgroep van de St. Jozefkerk, na de tijd gingen we nog wel eens met pastoor Misdorp miswijn drinken. Met een groep vrouwen uit de buurt gingen we op maandag ook naar Tijs om schoon te maken.” Daarnaast had Truus dus veel mantelzorg. Omdat Eduard overdag aan het werk was haalde ze haar rijbewijs om haar schoonouders en de kinderen overal heen te brengen. Daar waren haar schoonouders haar dankbaar voor.  

Glimmende buisradio’s

4,5 jaar geleden sloeg het noodlot toe toen Truus tijdens ziekte werd getroffen door een hartstilstand. Na zes minuten reanimeren wisten ze haar terug te halen. Ze werd niet meer de oude, maar met de nodige aanpassingen kon ze wel weer naar huis. Met veel plezier gaat ze nu drie dagen per week na de dagbesteding in het Gerardus Majella.  Ondertussen haalt Eduard zijn plezier nog steeds uit reparaties. Trots laat hij zien wat er in zijn schuur staat. “Ik ben mijn hele leven aan het repareren geweest. Nu repareer ik alleen nog oude buisradio’s. Er zijn er in Nederland niet veel die dat doen. Maar het is mijn grote hobby, deze radio’s kun je nog echt repareren. Ik maak ze en Truus poets ze tot het glimt” besluit Eduard tevreden.